Waarom komen uitkeringsgerechtigden niet in verzet. Deel III

Voortbordurend op de uitgangspunten die bij een sociale beweging op het gebied van uitkeringsgerechtigden en werkenden met een minimuminkomen zouden kunnen gelden het volgende. We moeten streven naar internationale samenwerkingsverbanden. In de Euromarsen hebben wij gediscussieerd over de Europese en soms zelfs verder wegliggende internationale dimensie. Daarbij kwam naar voren, dat je terugtrekken in het bastion van de natie-staat geen optie is. Het is- met de groeiende internationale economische verstrengeling en politieke samenwerking op verschillende niveau’s niet goed meer mogelijk als afzonderlijk land bijvoorbeeld een Keynesiaans beleid te voeren en tolmuren langs je grenzen op te richten. De eis van een sociaal minimum bijvoorbeeld zal op zijn minst ook op Europees niveau gesteld moeten worden, om te voorkomen dat (nationale) politieke tegenstanders de verlaging ervan doordrukken met een beroep op de internationale (beleids) concurrentie. Er zou een werkelijk Europese sociale beweging moeten komen, die op dat niveau eisen stelde op het gebied van (sociale grondrechten) waarbij wel toch ook uitgegaan kan worden van het subsidiariteitsbeginsel. Alleen zo zouden ook de grote machtige wereldwijd opererende ondernemingen door politieke bovenstatelijke samenwerkingsverbanden effectief tegemoet kunnen worden getreden.

Op de talloze discussiebijeenkomsten van de Euromarsen in Nederland en in de andere landen kwamen de sterke en zwakke punten van de mondialiseringsbeweging en het politieke vraagstuk van de (sociale) grondrechten al snel na 1997 aan de orde. Hoofdlijn in de discussies was, dat wij in de eerste plaats ernaar moesten streven een verband te leggen tussen onze belangenbehartiging, het nastreven van sociale grondrechten op Europees niveau, en andere (deel) onderwerpen. Op die wijze zou een samenhangende kritiek op het neo-liberale Europa kunnen worden geformuleerd en zouden de sociale bewegingen elkaar kunnen versterken. In dat kader werd besloten veel energie te steken in de organisatie van de Europese Sociale Fora die in het kielzog van het Wereld Sociaal Forum werden gehouden en waar verschillende sociale bewegingen uit verschillende hoeken zoals de milieubeweging, de vredesbeweging en anderen samenkwamen om alternatieven te formuleren. Met die sociale fora gaat het- samen met het ineenstorten van de mondialiseringsbeweging- overigens niet zo goed, maar dit betekent niet dat uitwerking van inhoudelijke alternatieven en kritiek in hun onderlinge samenhang niet op andere wijze voor het voetlicht kunnen worden gebracht.

PvdL